Het uiterlijk:
Een grote gespierde kat. Brede voeten, zware klauwen, grote ogen en krachtig gebouwd.. De kop is driehoekig van vorm. De grote oren zijn spits met een goede breedte.
Op de oren zitten 'lynx-pluimpjes'.
Zijn lange staart is vol en pluimig.
In het voorjaar verliest de Noorse boskat veel haar waardoor hij er uit kan zien als een kortharige kat. In de herfst komt de vacht weer terug. Katers kunnen gemiddeld zo'n 5 tot 8 kilo wegen en poezen zo'n 3 tot 6. Ze hebben stevige botten en zijn gespierd. Het duurt gemiddeld 2 à 3 jaar voordat een Noorse boskat volledig is uitgegroeid.
Kop: vormt van voren gezien een driehoek waarvan alle zijden even lang zijn. De neusrug is recht en mag geen stop vertonen. De kin is sterk.
Ogen: expressief, amandelvormig en iets schuinstaand.
Oren: vrij breed aan de basis, hoog op de kop geplaatst, ze lopen spits toe. Van voren gezien loopt de buitenkant van de oren parallele aan de schedelvorm, zodat de oren met de schedel samen een driehoek vormen. Aan de oortipjes bevinden zich lynxpluimpjes en aan de binnenkant van de oren groeit er wat langer haar, dat lichtjes naar achteren toe krult.
Lichaam: vrij grote, stevig gebouwde kat met een sterk beenderenstructuur en een lang lichaam. Hij staat hoog op de poten en de achterpoten zijn langer dan de voorpoten, waardoor de rug naar achteren toe wat omhoog loopt. De voeten zijn groot, rond en stevig en vertonen haarpluimpjes tussen de tenen. De achterpoten staan volledig recht en mogen nooit koehakkig zijn, maar de voeten aan de voorpoten zijn een beetje naar buiten gedraaid.
Staart: lang, weelderig behaard en dik. Als de staart over de rug wordt teruggelegd, moet deze tot aan het kuiltje tussen de schouderbladen reiken.
Vacht: De kwaliteit van de vacht is van het grootste belang. Deze is halflangharig met een rijke en wollige ondervacht. De gladde en glanzende bovenvacht heeft een waterafstotende structuur die de kat beschermt tegen weersinvloeden. Buiten de zomerperiode behoort de kat een weelderige kraag en bef en ook een flinke pluimstaart te hebben.
Kleur: De Noorse Boskat mag alleen voorkomen in de natuurlijke kleuren, niet natuurlijke kleuren zoals lilac, cinnamon en chocolate zijn niet toegestan. De verdeling van kleur op het lichaam is van ondergeschikt belang. De ogen mogen elke oogkleur hebben, varierend van groen en geel tot koperkleurig en blauw.
Hoe laat je katten aan elkaar wennen?
Om ze aan elkaar te laten wennen is het verstandig om de nieuwe kat langzaam en rustig te "introduceren" bij de "anderen". Sommige mensen plaatsen de katten direct bij elkaar en kijken hoe dit uitpakt. Anderen houden de katten eerst gescheiden. Hierover kunt u beter zelf beslissen en naar het karakter van de kat kijken die al aanwezig is. Over het algemeen accepteren Noorse Boskatten vrij snel een nieuwe omgeving en andere katten.
Een kitten gaat meestal goed.
Het is gevaarlijk om dit soort uitspraken te doen, maar de meeste kans op succes is als u bij uw volwassen kat een kitten neemt. Dat wil niet zeggen dat de volwassen kat vol enthousiasme zal reageren, maar meestal wordt het wel getolereerd.
Zorg vooral dat u uw huidige kat voldoende aandacht blijft geven zoals u altijd deed. Laat deze niet aan zijn/haar lot over en doe alsof er niets aan de hand is.
Raken de katten licht in gevecht, blazen en grommen zij naar elkaar? Kom niet tussen beiden maar laat ze dit zelf uitvechten en uitzoeken. Als u dit gedrag gaat tegenhouden denkt uw huidige kat dat er inderdaad iets niet klopt!